Alledaagse dingen,  Dolce Vita

Le Dolce Vite

“Niks dolce” denk ik als ik me omdraai in de bloedhete slaapkamer met op de achtergrond het Italiaanse gekakel van de buren. Een aantal kinderen speelt voetbal en schopt ritmisch de bal tegen een muur. Half twaalf is het, moeten die koters niet slapen? Uiteindelijk val ik in slaap, doodop van de reis die toch altijd vermoeiender is dan je vooraf denkt. Klokslag vijf uur schrik ik wakker van de kerkklok. Die dat om zes, zeven en acht uur natuurlijk herhaalt. Gelukkig niet gevolgd door een carillonconcert zoals bij ons appartement vorig jaar. Volgende keer controleren.

We zijn er. In “Le Dolce Vite”, ons huis voor de komende week in Frinco bij Asti. Een verstild dorp dat in de avond tot leven komt. Geen andere gasten, het zwembad en de cour voor ons. Piemonte, het hart van de Slow Food beweging, wijn komt hier uit de kraan. Wat willen we nog meer? Corona is even ver weg, alleen de bij de ingang neergezette handgel en instructies fungeert nog als stille getuige.

En uiteraard de verplichte mondkapjes bij iedere stop onderweg, de supermarkten, de winkels. Inmiddels geroutineerd zetten we ze op en af. Zoonliefs gezicht is amper te zien, misschien zijn ze toch iets te groot? Het went snel maar blijft vreemd. Niemand houdt hier afstand, blijkbaar wanen ze zich veilig met dat vreemde ding voor hun gezicht. Winkelkarren worden niet ontsmet, wel staan overal handschoenen klaar en desinfectiemiddelen. In ons appartementen vinden we zelfs stoffen mondkapjes met de tekst “Stay safe at home vacation”. Dat is niet helemaal gelukt.

Het was tot de laatste week wikken en wegen. Gaan we, mogen we en wat als? We gaan. Even een andere omgeving, de Puberella moet na ruim drie maanden thuisonderwijs van haar stoel in de zon. Zelfs oma gaf ons de opdracht haar te laten bruinen. Tegelijkertijd hoor ik me zelf steeds uitleggen waarom we gaan en dat het echt veilig is, toch iets van vakantieschaamte. Het nieuwe woord in 2020. Onzin natuurlijk. Uiteindelijk gaan we voor manlief. Die wil fietsen en houdt voet bij stuk; de fiets gaat mee. Ik onderhandel nog over die vreselijke fietsdrager, we kunnen nergens parkeren en “weet je nog dat de fiets er op de autobaan af vloog?”. Ik verlies de strijd, laat heel wat kleren en schoenen thuis zodat dat ding in de achterbak kan.

Ach ja, we zijn er. Ik zwaai de wielerfundamentalist uit voor zijn eerste trip, de kids liggen in het zwembad en ik ga eindelijk even zitten.

Le Dolce Vite? Kom maar op!

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *